Visible Mending oftewel zichtbaar repareren

Met visible mending worden gaatjes en vlekjes in een geliefd kledingstuk, of zelfs scheuren in je spijkerbroek op decoratieve wijze zichtbaar gerepareerd. Was het vroeger de bedoeling dat je kapotte kleding onzichtbaar stopte of repareerde en was het een teken van zuinigheid en armoede. Nu mag dat gewoon gezien worden en wordt het zelfs met trots gedragen.

Vintage gebreide borstrok met kleurige zichtbare reparaties.

De afgelopen jaren zijn er een aantal boeken over (Visible) Mending verschenen, waarvan ik er een aantal op een rijtje zet voor jullie. Ze variëren van praktische uitleg, tot een andere manier van leven en het geven van historische context of een combinatie van deze drie elementen. Maar altijd hebben de auteurs van de boeken de wens om de consumptie van nieuwe kleding te verminderen, oude kleding te herwaarderen (en te koesteren), minder kleding weg te gooien en ze langer te gebruiken met behulp van (zichtbare) reparatietechnieken.

Mend! – A Refashioning Manual and Manifesto

Is geschreven door Kate Sekules.

Mend! gaat in op het What (Wat is mending?), Why (Waarom werd er gemend/gerepareerd), When (Sinds wanneer), Who (Wie deed het en wie doet het nu), Where (waar werd het gedaan), How (Hoe kan je menden/repareren), Which (Welke soorten zijn er) en Whether.

10 Redenen om te ‘menden’/repareren.

In het Who wordt ook een Nederlands inititatief genoemd, Golden Joinery van Margreet Sweerts en Saskia van Drimmelen waar je met goud je reparatie maakt op een geliefd kledingstuk geïnspireerd op Kintsugi. In 2015 heb ik daaraan meegedaan tijdens de Dutch Design Week in Tilburg zoals je hier kunt lezen.

Mijn reparatie is o.a. opgenomen in de collectie van Golden Joinery.

Met goud zichtbaar een geliefd kledingstuk repareren. foto door Liesbeth Kaag.

Naast de verschillende (borduur)steken waarmee je kunt repareren, staat het boek vol met nuttige schema’s die aangeven of je iets kunt repareren, of het eenvoudig of moeilijk is, en welke techniek het beste bij de ondergrond past.

Een pagina uit Mend!.

Ook laat het verschillende manieren van patches zien, maar ook ‘unpatches’ waarbij je het gat juist benadrukt/accentueert, van darns/stoppen, het verstoppen of juist accentueren van vlekjes. Eigenlijk te veel om op te noemen. Hier kun je bij de uitgever een aantal pagina’s inkijken. Ik heb het met veel genoegen van helemaal gelezen en ieder hoofdstuk heeft me weer verrast.

Mending Matters

Is geschreven door Katrina Rodabaugh. Het heeft twee ondertitels, namelijk ‘A slow Fashion guide for a well-loved wardrobe’ en Stitch, patch and repair your favorite denim & more’.

Mending Matters van Katrina Rodabaugh.

In Mending Matters legt Katrina uit hoe zij begonnen is met haar levenslange reis naar Slow Fashion en een ‘sustainable’ kledingkast. Het is eigenlijk heel simpel: Start vanaf het hier en nu. Gebruik wat je hebt. Doe wat je kan (“Start where you are. Use what you have. Do what you can.” Arthur Ashe). In 2013 startte ze met het project ‘Make Thrift Mend’ waarbij ze zichzelf beloofde om een heel jaar geen nieuwe kleding te kopen.

Het menden/repareren kwam als een logisch gevolg op deze beslissing omdat de kleding die ze had door het gebruik kapot ging. Een ervaring die ze in het boek met ons deelt. Naast een hoofdstuk materiaal en hulpmiddelen en een hoofdstuk basis technieken laat ze verder verschillende vormen van menden/repareren zien. Stap voor stap neemt ze ons mee hierin met duidelijke foto’s en uitleg.

De combinatie van Sashiko en een ‘inside patch’.

Darning – repair, make,  mend

Is van de Japanse Hikaru Noguchi.

‘Darning’ van Hikaru Noguchi.

Haar belangrijkste hulpmiddel is de stoppaddestoel waarmee ze 12 verschillende ‘darn/stop’ technieken maakt. Overigens kun je ook een rond blikje of appel als stoppaddestoel gebruiken of, bij het repareren van de vingers van een handschoen, een bezemsteel.

Stoppen met behulp van een stoppaddestoel.

Bij de uitleg van de technieken legt ze duidelijk uit wanneer je welke techniek het beste gebruikt waarna ze de techniek met stap voor stap foto’s laat zien. Aan de orde komen:

  • zandsteek (seedstitch),
  • het vierkant,
  • de dubbele/omkeerbare stop,
  • de combinatie van zandsteek en vierkant,
  • driehoekige stoppen,
  • Engels stoppen,
  • accordion stoppen,
  • applicatie en omgekeerde applicatie,
  • kettingsteek,
  • festonsteek (in de Honycomb darn) en de festonwiel (in de Tambourine darn).

De zichtbare, decoratieve stop op een versleten kussen gemaakt met een festonsteek.

Verder laat ze in het boek Darning veel gerepareerde kledingstukken als truien, handschoen, sokken, sjaals maar ook kussens zien, waarbij de aangeeft welke reparatiekeuzes ze heeft gemaakt en waarom. Mijn favoriete onderdeel zijn de samplers aan het eind van het boek waar ze verschillende soorten stoppen/darns laat zien op ondergronden als breiwerk, katoen/linnen, tricot en denim.

Met de technieken uit het boek kun je lekker kleurige stoppen/reparaties maken zoals hier op de vintage borstrok.

Het laatste boek dat ik wil bespreken is net verschenen.

Mending with Love – Creative Repairs for Your Favorite Things

Is van Noriko Misumi.

Mending with Love van Noriko Misumi.

Mending with Love gaat specifiek in op het repareren van sokken, het repareren van vlekken, gaten en rafels en het bedekken van vlekken met stempels. Maar in het laatste hoofdstuk gaat ze net een stapje verder door oude items om te toveren tot dingen die je nog leuker ezult vindt. Zo maakte ze een pannenlap van een oude trui die ze niet meer droeg.

Een pagina uit het boek met een duidelijke stap voor stap uitleg over hoe je een gat in je sok kunt repareren.

Het boek is een combinatie van stap voor stap uitleg van reparatietechnieken en veel voorbeelden en foto’s waarbij uitgelegd wordt wat het specifieke probleem was en hoe ze het heeft opgelost. Hierdoor wordt het heel tastbaar en is het zeer inspirerend om te zien wat er allemaal mogelijk is.

Een mooi voorbeeld hoe je een vlek op een werkbroek kunt bedekken met borduurwerk.

Aan het eind van het boek vind je een appendix met de verschillende reparatietechnieken duidelijk uitgelegd in stekentekeningen.

Wellicht hebben jullie ook nog voorbeelden van goede, leuk en vooral inspirerende boeken met betrekking tot visible mending. Laat het me weten via info@treeofneedlework.nl, dan voeg ik ze toe.

 

 

Bewogen wit

Ken je dat, dat je al jarig bezig bent met dingen, in mijn geval borduurwerk, dat schijnbaar totaal niets met elkaar te maken heeft. En dat je ineens de verbinding tussen al die losse werkjes kunt maken, waardoor er één geheel ontstaat, één thema. Dat had ik met mijn proefjes/samples van verschillende borduurtechnieken, vaak wel gemaakt in wit, offwhite of naturel, en, dat weet ik nu, allemaal vallend binnen het thema Bewogen wit.

Online cursus ‘Het Kunstkabinet/Cabinet of Curiousities’

Om iets nieuws te leren ben je nooit te oud. Ieder jaar probeer ik een cursus of workshop te volgen waarin ik nieuwe dingen leer. Naast borduurgerelateerde workshops zoals die van de Stitchclub van Textileartist.org probeer ik ook andere technieken of invalshoeken uit, die ik dan later weer in mijn borduurwerk kan integreren. Zo heb ik in de zomer van 2019 bij CREA in Amsterdam de zomerweekcursus Collage gevolgd. Hier heb ik daar verslag van gedaan.

Dit jaar kwam ik bij MK24 de online cursus ‘Het Kunstkabinet/Cabinet of Curiosities’ gegeven door Iris Kloppenburg tegen. Hierin maakte je aan de hand van een bestaand kunstwerk een vertaling naar een Cabinet of Curiosities, ook wel Kunstkabinet of Rariteitenkabinet genoemd.

Volgens Wikipedia is een kunst- en rariteitenkabinet een kast waarin een verzameling van kunst en rariteiten kon worden bewaard. Het was vooral populair in de 16e, 17e en 18e eeuw.

Onder ‘rariteiten’ verstaan we zeldzame voorwerpen die meestal werden ingevoerd van buiten Europa. Dat konden vreemde schelpen zijn, zoals de nautilusschelp, struisvogeleieren, mineralen, kristallen, edelstenen, parels, opgezette dieren, exotische dieren – de aankomst van een neushoorn in 1515 veroorzaakte al een hype, de Surinaamse pad zou erg populair worden in rariteitenkabinetten – en gedroogde planten. Ook inheemse eigenaardigheden zoals narwaltanden en Siamese tweelingen werden erin opgenomen. De ‘kunstcollectie’ omvatte bovenal schilderijen en prenten.

Aartshertog Leopold Wilhelm in zijn kunstgalerij in Brussel, geschilderd door David Teniers II.

Het woord kabinet sloeg aanvankelijk op het opbergmeubel waarin deze voorwerpen verzameld werden. Mettertijd ging men de kamer waar de ‘rariteiten’ opgeslagen waren kabinet noemen en ten slotte omvatte het woord kabinet de hele verzameling.

Het doel was het systematiseren van kennis, een soort voorloper van Wikipedia dus.

Mijn inspiratie

Geïnspireerd door één van de reliëfs van Jan Schoonhoven ging ik aan de slag.

Jan Schoonhoven – Combinatie 1968

Bijzonder aan de reliëfs van Jan Schoonhoven vind ik dat je, ondanks dat het in één kleur – wit – uitgevoerd is, afhankelijk waar je staat toch verschillende kleuren ziet. En dat het wit daardoor lijkt te bewegen. Dit komt o.a. door de schaduwwerking en het reliëf in het werk. Dat kan je niet goed ziet op de foto hierboven, maar wel op een zijaanblik van een ander werk.

Een zijaanzicht van een van de reliëfs van Jan Schoonhoven.

De textuur van de reliëfs deed me denken aan allerlei handwerktechnieken met reliëf zoals Zaans stikwerk of smockwerk. Ook had ik tijdens Broodje Breien van Loret Karman ooit gespeeld met de reliëfwerking van simpel breiwerk in recht en averechte steken en dat geprobeerd om te zetten in borduurwerk.

Een mooie gelegenheid dus om mijn uitgebreide proefjesverzameling eens op een bijzondere manier te presenteren in een kunstkabinet/rariteitenkabinet onder de naam ‘Bewogen wit/Ripled white’.

Bewogen wit 01-2021

Omdat voor mij het rariteitenkabinet geen stilstaand/vast beeld is, maar in beweging blijft door nieuwe toevoegingen of andere combinaties heeft mijn Kunstkabinet ‘Bewogen wit’ verschillende niet vaststaande vormen. En net als Jan Schoonhoven heb ik die met een (volg)nummer en een jaartal aangegeven.

De eerste variant is neergelegd als een ‘flatlay’ en gefotografeerd van bovenaf (birdeye view). En ondanks dat het ‘plat’ is, zie je toch duidelijk de texture en schaduwwerking van de verschillende onderdelen.

Het Kunstkabinet ‘Bewogen wit’ als flaylay.

Door het vanuit een andere hoek te fotograferen krijg je een ander beeld.

Vanuit een andere hoek.

Ook zie je sommige details dan beter.

Bewogen wit 02-2021

De tweede variant is meer gepresenteerd als een Wonderwall (een rariteitenkabinet werd ook wel Wunderkammer of Wonderkamer genoemd).

Kunstkabinet ‘Bewogen wit’ 02-2021/Majo van der Woude

Van de zijkant zie je goed de verschillende reliëfs.

De verschillende handwerktechnieken zijn min of meer gegroepeerd in de losse lijsten.

Borduurwerk en breiwerk.

Zandrimpels en vultechnieken als Zaans stikwerk en boutis.

Smockwerk en stofmanipulatie.

In en op het kastje/kabinetje liggen dingen als schelpen, zeeglas, bijzondere garens en Lammechientje, het bordurende zusje van Bartje.

Een minirariteitenkabinet in het grotere Rariteiten/Kunstkabinet.

Deze hoorde er natuurlijk ook bij.

En verder nog.

Stof manipulatie op zijn best.

Bewogen wit 03-2021

Onderdeel van de tweede variant, maar ook op zichzelf staand, is het werk wat ik naar aanleiding van de 2021 Community Stitch Challenge van Textileartist.org maakte, geïnspireerd door een workshop van Merill Comeau.

Bewogen wit 03-2021/Majo van der Woude

In tegenstelling tot ‘Bewogen wit 01-2021’ en ‘Bewogen wit 02-2021’ is dit wel een ‘blijvend’ werk.

Detail met smockwerk, bewerkt kant, textiel collage en geborduurde tekst.

En zo komt alles weer samen.

Challenge Oude Borduurpatronen april 2021

Het is de derde donderdag van april 2021, tijd voor een nieuwe Challenge Oude Borduurpatronen.

In mijn hoofd had ik iets anders bedacht, en dat ligt ook al klaar, maar toch heb ik gekozen voor dit patroontje uit Vrouw en Huis, nummer 9, 7e jaargang, 4 maart 1954. Het is namelijk een heel leuk randje dat je op verschillende manieren kunt borduren.

April 2021 patroon van de Challenge Oude Borduurpatronen.

Het patroon vind je hier.

Met verschillende borduursteken

Allereerst heb ik wat gespeeld met het patroon. In het originele patroon zitten de takjes met de 3 blaadjes aan de buitenkant en daar heb ik een variant op gemaakt door die takjes aan de binnenkant te plaatsen.

Wat spielerei met het originele patroon.

Eronder heb ik 3 dezelfde lijnen onder elkaar getekend. Vervolgens heb ik patroon omgedraaid en op de stof getekend met de lichtmethode. Ik gebruik daarvoor een lichtbak/-plaat, maar je kunt ook een raam gebruiken.

Ik wilde namelijk eerst wat stekencombinaties uitproberen.

Verschillende mogelijkheden op het randje te borduren.

In de bovenste rij is de steel geborduurd in stiksteek en de blaadjes in een losse kettingsteek.

Blaadjes in losse kettingsteek, steel in stiksteek.

Vervolgens is in de tweede rij de steel geborduurd met een steelsteek, wat een vloeiender geheel geeft. De blaadjes zijn geborduurd met satijnsteken.

Deze is geborduurd met satijnsteken en de steeksteek.

En de laatste rij is geborduurd met de steel in splijtsteek en de blaadjes met een losse kettingsteek waarna er een losse steek ingeborduurd is om hem een beetje op te vullen.

Als je een losse steek in de kettingsteek borduurt, wordt je blaadje wat gevulder.

Met de verschillende steken voor de steel en de blaadjes kun je weer andere combinaties maken.
Zo is het bovenste randje geborduurd met de steelsteek en de ‘gevulde’ losse kettingsteek.

Twee verschillende randjes.

En in het onderste randje heb ik alleen maar kettingsteken gebruikt (als lijnsteek en los).

Geborduurd met Paradijsgaren.

Alle randjes zijn geborduurd met Paradijsgaren uit de 5300 serie met de prachtige naam klaverveld.

Met verschillende garens

Naar aanleiding van de blog Variaties op een thema, patroon van de Faroër eilanden kreeg ik van Monique de tip dat je door te werken met verschillende garens je ook nieuwe variaties kunt krijgen. Een super idee om met deze randjes eens uit te proberen.

Geborduurd met de steelsteek en een ‘gevulde’ losse kettingsteek.

De bovenste rij is geborduurd met moerbeizijde van Blomsterstuga.
Wonderfil Eleganza is het tweede garen waarmee geborduurd is. Die is vergelijkbaar met Perlé nr. 8. De kleur is er eentje uit de Sue Spargo collectie. Deze kun je o.a. bij Heikina vinden.
En de laatste rij is geborduurd met katoen van Tentakulum uit de serie Painter’s Thread Grandma Moses.

De blaadjes in de laatste rij zijn met een losse steek gemaakt.

Voor de bovenste rij heb ik dunne borduurwol van Blomsterstuga gebruikt, ooit gekocht op de Handwerkbeurs in Zwolle.
De tweede rij is geborduurd met zijde van The Silk Mill. Die glanst heel mooi, al zie je dat niet zo goed op de foto.
En in de laatste rij heb ik de steel geborduurd met splijtzijde en de blaadjes met dikke Tapisseriewol. Een idee wat ik opgepikt heb uit het boek Simply Stitched van Yumiko Higuchi.

Afhankelijk van het effect wat je wilt krijgen en de toepassingen die je wilt borduren (niet alle garens zijn geschikt om in de wasmachine te gooien) kun je aan de hand hiervan dus een goede keus maken.

Ik ben benieuwd naar jullie varianten op dit elegante randje. Laat ze vooral zien op de Facebookgroep. Ik wens je veel borduurplezier.

Challenge Oude Borduurpatronen

Ben jij al gestart met de Challenge Oude Borduurpatronen?

Alle patronen tot nu toe kun je hier bij elkaar vinden.

Ik hoop dat jullie ook weer geïnspireerd zijn voor het maken van een eigen (geborduurde) versie.

Iedereen kan mee doen. Ga gewoon lekker aan de slag met een techniek die je goed ligt of leuk vindt. Of probeer nu eens een andere techniek en ga wat experimenteren. Het delen van je resultaten is leuk, maar hoeft niet perse. Laat wat van je horen op de Facebook-groep Challenge Oude Patronen. Daar staan al een aantal uitwerkingen van deelnemers.

De volgende Challenge Oude Borduurpatronen zet ik 20 mei 2021, de derde donderdag van mei, op de website.

Variaties op een thema – patroon van de Faroër eilanden

In de serie ‘Variaties op een thema’ deze keer een uitwerking van een oorspronkelijk breipatroon van de Faroër eilanden.

Jaren geleden vond ik op de tweedehands markt in Kolaportid in Reykjavik het boek ‘Foroysk bindingarmynstur’ met breipatronen van de Faroër eilanden. Ik heb geen idee waarom ik het meenam als niet-breister, maar waarschijnlijk trokken de vele patronen die ik ook als borduurster kon gebruiken me aan.

Het schijnt dat Hans Debes, de auteur, in ca. 100 jaar geleden besloot om zo veel mogelijk breimotieven van de Faroër eilanden te verzamelen en te bewaren door ze in een boek te publiceren dat voor het eerst in 1932 verscheen. Daarvoor werden de motieven alleen mondeling doorgegeven. Mijn boek is een heruitgave uit 1969.

Het ziet er aan de buitenkant alles behalve spannend uit.

En binnenin vind je pagina’s met gekleurde patronen waarbij je de breisteek ook kunt zien.

Gekleurde patronen met een breisteek.

En pagina’s met teltekeningen van patronen.

Duidelijke teltekeningen.

Als vingeroefening vond ik het leuk om een aantal patronen in kruissteek op aida in rood te borduren.

Een aantal patronen in kruissteek.

Maar al snel kwam de vraag ‘What if’ weer bij me op.

What if

Wat als je er één patroon uithaald en daarmee gaat spelen?
Uit de bovenstaande patronen koos ik deze om verder uit te werken.

Het oorspronkelijke patroon in kruissteek.

Wat als je als borduursteek de kruissteek aanhoudt, maar gaat variëren met het patroon?

Experimenteren met het patroon

Variaties op een patroon.

Bij het tweede blok heb ik het kruisje in patroon net een hokje naar rechts geplaatst. Je krijgt dan een soort diagonaal patroon. En bij het derde blok zijn de rijen versprongen zodat de blokjes niet naast elkaar staan, maar schuin onder elkaar.

Variaties op een patroon – 2

Bij deze variaties is het blokje aangepast van 3 x 3 steken naar 1 x 3, 1 x 5 en 1 x 3 steken waardoor je een ruitje krijgt. In het tweede blok heb ik ze laten verspringen. En in het derde blok heb ik de rijen ook nog in elkaar laten schuiven.

En in deze reeks zijn de blokjes in hoogte gevarieerd. In het eerste blok is telkens een tussenruimte aangehouden met dezelfde hoogte als het blokje eronder. Vervolgens is er een vaste tussenruimte van 1 kruisje aangehouden. En in de derde variant is de tussenruimte 1 kruisje, maar varieert de hoogte van het blokje tot maximaal 3 kruisjes en gaat daarna weer na 2 en 1 kruisje.

Je ziet aan deze voorbeelden eigenlijk al dat je met een minimale aanpassing een heel ander patroon krijgt.

Alle kruissteekvariaties die ik heb gemaakt.

De mogelijkheden zijn legio.

Experimenteren met andere borduursteken

Je kunt het patroon ook het patroon laten en gaan experimenten met de borduursteken.

Diverse kruisende steekvariaties

In het tweede blokje zijn de kruisssteken over 3 hokjes in de hoogte en 1 hokje in de breedte geborduurd waardoor je een langgerekte kruissteek krijgt. In het laatste blok zijn de juist over 3 hokjes in de breedte en 1 in de hoogte geborduurd zodat je een bredere kruissteek krijgt.

Dat ziet er getekend zo uit:

Kruisende steken.

Ook met een platsteek kun je leuke variaties maken, omdat je hem als contoursteek kunt gebruiken of als vulsteek.

Variaties in andere steken.

Nog wat andere variaties.

In tekening zie je wat beter wat ik gedaan heb.

Het helpt soms om het eerst uit te tekenen.

Nu zijn jullie aan de beurt

Het is nu aan jullie om nog meer variaties te bedenken. Of gewoon een andere patroon te nemen en daarop te gaan variëren.
Ik vind dat altijd een erg ontspannende exercitie, bijvoorbeeld als zondagborduurtje.

Het lijkt me leuk om jullie variaties later toe te voegen aan de blog, dus laat het me weten.

Resultaat van een fijne borduurzondag.

Hoekjes van Saskia Gijselhart

Saskia reageerde op mijn oproep en stuurde me het volgende patroon:

Een variatie aan hoekjes gebaseerd op het patroon van de Faroër eilanden door Saskia Gijselhart.

De eerste rij heeft ze diagonaal gespiegeld waarna ze is gaan spelen met de hoekjes.
Wat een leuke aanvulling.

 

Eerder gepubliceerde Variaties op een thema waren:

De koninginnesteek
Grote kerk in Veer in tapisserie
Stofversieren
Golven

 

Challenge Oude Borduurpatronen maart 2021

Het is de derde donderdag van maart 2021, tijd voor een nieuwe Challenge Oude Borduurpatronen.

Al ben en blijf ik een proefjes/samplemeisje, soms vind ik het ook leuk om iets te borduren waar ik mijn borduurwerk mee kan laten zien. En dan op een subtiele manier zoals op een etui, als klein borduurtje achterop een vest en trui of op een omslag voor een notitieboekje.

Dus toen ik een patroon met gestileerde bloemen uit Vrouw en Huis uit 4e jaargang, nr 34, 25 oogst 1951 vond kon ik gelijk al een paar toepassingen verzinnen waarop ik ze zou kunnen borduren.

Het patroon gaf deze keer ook wat borduursteken suggesties.

Stekensuggesties bij het patroon.

Nieuwe steek ontdekt… de inhaalsteek.

Ik heb twee stukken gekozen om uit te werken en het patroon daarvan vind je hier.

De gekozen patronen.

Op een tablethoes

Een paar jaar geleden had ik op de Kreadoe in Utrecht (ik weet nog precies op welke plek het kraam stond maar weet helaas niet meer van wie het kraam was) een stofpakket gekocht voor een tablethoes. Van een oude deken waren de benodigde stukken geknipt en al wat je nog moest doen was het aan elkaar naaien van deze onderdelen en eventueel de hoes nog met borduurwerk versieren.

Met 2 stukken vintage deken kun je al een tablethoes maken.

Ik heb er voor gekozen om het patroon met de 2 bloemen op SoluVlies te tekenen en daaroverheen te borduren. En andere manier is dat je het patroon op vloeipapier/tissuepaper tekent, de contouren met een rijgsteek borduren door het papier en de stof. Na het borduren haal je dan voorzichtig het vloeipapier weg en kun je het motief verder invullen met borduurwerk.

Borduren met het patroon op SoluVlies getekend.

Er is geborduurd met Perlé nummer 5, een wat dikkere draad, zodat het borduurwerk straks niet wegvalt in de grof/wollig aandoende stof.

De witte bloemen zijn goed te zien.

De hoes is dichtgenaaid met een uit elkaar staande festonsteek of dekensteek.

Festonsteek, Bron: TRC Needles, tekening door Martin HenseEn de tablet past er precies in.

Op tweedstof

Het andere motief wilde ik op tweedstof borduren met knalroze garen zodat er een mooi contrast zou ontstaan.
Verder koos ik voor het borduren van de contouren met een steelsteek. Ook hier is SoluVlies gebruikt als hulpmiddel om het patroon op de stof te zetten.

Je ziet de stof nog een beetje door het SoluVlies heen.

Doordat ik in een borduurring werk, maak ik de steelsteek in twee bewegingen.

Door de steeksteek met perlegaren (Wonderfil Eleganza, nr. 8) te borduren ziet het er nog meer als een koordje uit.

Het dilemma

Nadat ik het SoluVlies had weggespoeld vond ik dat het borduurwerk een beetje wegviel tegen de drukke ondergrond van de tweedstof.

Misschien heeft het toch een beetje meer contrast nodig?

Ik kon de blaadjes opvullen met een verlopend garen in dezelfde kleurenrange als de hardroze, eventueel samen met één van de andere kleuren uit het verlopend garen palet?

Heeft het deze kleuren nodig om extra contrast te krijgen?

Of ik kon de blaadjes opvullen met knalgeel?

Misschien niet de meest voor de hand liggende kleurencombinatie.

Nadat ik mijn dilemma op Instagram (@majovanderwoude) en Facebook geplaatst had, bleek dat de voorkeur voornamelijk uitging naar het zo laten of de oranje kleurencombinatie. Dus zo laten is het geworden met een kleine aanvulling door in de blaadjes van de grootste bloemen nog een extra steekje te plaatsen.

Heel subtiel is er een extra steekje in de bloemblaadjes geborduurd.

Toch bleef de ‘gele’ oplossing in mijn hoofd hangen.

Dat ziet er gelijk heel anders uit.

Je ziet dat de bloem gelijk een heel andere uitstraling krijgt als je de blaadjes vult met knalgeel en knalroze garen.

Omslag voor een notitieboekje

Van het geborduurde tweedlapje is uiteindelijk een omslag voor een notitieboekje gemaakt. Hoe je dat doet, heb ik hier al eerder beschreven.

De achterkant van het boekje.

De tablethoes en het notitieboekje, een geborduurd cadeautje is zo gemaakt.

Laat zien dat het jouw borduurwerk is

Als borduurster ‘tekenen’ we eigenlijk zelden ons borduurwerk terwijl we daar toch wel trots op mogen zijn. Misschien zetten we onze naam op een eigen ontworpen en gemaakte merklap of herinneringslap, maar daar is vaak alles mee gezegd. Terwijl we het toch er leuk en interessant vinden als we op oud borduurwerk en merklappen de naam of initialen van de borduurster en het jaartal kunnen ontdekken. Dat maakt dat het borduurwerk persoonlijk wordt, ook al weet je dat als het niet ‘getekend’ is, het ook door een persoon met de hand gemaakt is.

Omdat ik mijn naam, Majo van der Woude, te lang vond om op elk borduurwerk te zetten, heb ik een soort teken gemaakt van mijn initialen. Hierbij heb ik de M direct laten doorlopen in de W. Dat ziet er dan uit zoals hieronder.

Ik heb één teken gemaakt van mijn initialen M en W.

Ik gebruik mijn ‘ondertekening’ vooral bij eigen/origineel werk en als ik het borduurwerk weggeef als cadeautje. En soms…. vergeet ik het helaas. Maar dat is altijd achteraf gesproken.

Tekenen jullie je borduurwerk? En zo ja, heb je ook een eigen teken, gebruik je je initialen of je hele naam?

Ik wens je veel borduurplezier en laat vooral je eigen varianten zien op de Facebookgroep.

Challenge Oude Borduurpatronen

Ben jij al gestart met de Challenge Oude Borduurpatronen?

Alle patronen tot nu toe kun je hier bij elkaar vinden.

Ik hoop dat jullie ook weer geïnspireerd zijn voor het maken van een eigen (geborduurde) versie.

Iedereen kan mee doen. Ga gewoon lekker aan de slag met een techniek die je goed ligt of leuk vindt. Of probeer nu eens een andere techniek en ga wat experimenteren. Het delen van je resultaten is leuk, maar hoeft niet perse. Laat wat van je horen op de Facebook-groep Challenge Oude Patronen. Daar staan al een aantal uitwerkingen van deelnemers.

De volgende Challenge Oude Borduurpatronen zet ik 18 maart 2021, de derde donderdag van maart, op de website.

Borduren in en met het Fries Museum

In het Fries Museum staat de tentoonstelling ‘Haute Bordure‘ klaar om bezoekers te ontvangen. Het wachten is nog op het opheffen van de lockdown voor musea en dan kunnen we deze tentoonstelling die geheel gewijd is aan borduurwerk op kleding en accessoires in het echt (op afspraak) bekijken. Ik kan niet wachten.

Het campagnebeeld van de tentoonstelling Haute Bordure in het Fries Museum.

Bijna 150 kledingstukken en accessoires bewijzen dat borduurwerk meer is dan decoratie; het laat zien wie je bent. Van een spectaculair catsuit van Jan Taminiau – van top tot teen met pailletten bestikt – tot met gouddraad versierde schoenen uit 1620, en van ritselende roaring twenties jurkjes tot 18de eeuwse mannenvesten met minutieus geborduurde details.

In de tentoonstelling ontdek je de rijkdom die met borduurwerk gepaard gaat, met luxe materialen als gouddraad, zijde en zoetwaterparels, maar ook het vakmanschap en de honderden uren die soms nodig zijn om een kledingstuk te decoreren. Bovendien markeert fijn, wit borduurwerk belangrijke levensmomenten als geboorte, doop en huwelijk. Maar bovenal vormt borduurwerk een belangrijk onderdeel van de laatste mode waar men al eeuwenlang mee gezien wil worden.’ (tekst van de website van het Fries Museum)

Naast de tentoonstelling in het museum vinden er een aantal extra activiteiten plaats, zoals lezingen, workshops en masterclasses in de Borduurschool en er is een interactieve borduurinstallatie van Floor Nijdeken waarbij je kunt aanschuiven. Ook is er een prachtig boek verschenen ‘Haute Bordure – geborduurde kleding en accessoires in Nederland 1620-2020’.

Hier kun je alvast een aantal pagina’s van het boek bekijken.

Alvast online te zien (of horen)

Omdat de tentoonstelling niet geopend kon worden op de oorspronkelijke datum 13 februari heeft het Fries Museum alvast een aantal zaken online geplaatst zodat je nu al in de stemming kunt komen.

Zo is er een podcast met de titel Voortborduren met borduurverhalen en -frustraties van o.a. Edwin Oudshoorn, Anne Knipping, Floor Nijdeken en Elsa Nijhof die je hier kunt beluisteren.

De Borduurschool, een initiatief van Craftcouncil Nederland en het Fries Museum, biedt naast workshops en masterclasses in het atelier van het Fries Museum een aantal online lezingen en workshops aan. Het hele programma vind je hier.

Verder heb ik voor het Fries Museum een aantal DIY borduurinstructies gemaakt die je straks op zaal bij de originele stukken kunt vinden maar die je nu al op hun website kunt downloaden.

Oude borduurmotieven nog steeds heel actueel

Voor de DIY borduurstructies heb ik een aantal motieven op patroon gezet. Qua materiaal is er een vertaalslag gemaakt naar materiaal dat nu makkelijk te kopen/verkrijgen is en er is altijd ruimte voor eigen interpretatie.

Kleurrijke bloem

Met een satijnsteek, rijgsteek, steelsteek en festonrondje in het hart is deze bloem geborduurd.

Kleurrijke bloem in vrijborduurwerk

Hij is oorspronkelijk te vinden op een geborduurde onderst of kroplap uit 18e/begin 19e eeuw (Collectie Fries Museum T2012-044). In het echt is hij geborduurd met zijde op linnen en is hij 5 x 5 cm.

Met een foto van het originele stuk.

Ik heb het patroon vergroot tot 10 x 10 cm en geborduurd met perlégaren nr 5 waarbij ik de originele kleuren aangehouden hebt. Je kunt er bijvoorbeeld een broche van maken of hem borduren op een spijkerjasje.

Tak met Franse knoopjes

Van de blauwe kamerjas uit ca. 1880 (Fries Museum, T2002-045) die ook op het omslag van het boek staat, heb ik het motief genomen van het takje met Franse knoopjes en lange (losse) steken.

De blauwe kamerjas.

Het is het handigst om eerst de langste steek te borduren en daarover de andere losse steken. De Franse knoopjes zijn als laatste geborduurd.

Interpretatie van het takje met Franse knoopjes op denim geborduurd met perlégaren.

Zaans Stikwerk

In de tentoonstelling zijn verschillende stukken Zaans Stikwerk te zien.
Van het babyjak uit 1775-1800 (vermaakt uit ouder model, 1700-1750) (Fries Museum, collectie Fries Genootschap, T08420) is het motief van een krul gekozen.

Babyjak in Zaans Stikwerk.

Zaans of Zaanlands stikwerk is een reliëf borduurtechniek die gebruik maakt van verschillende lagen stof. Met een stiksteek (of rijgsteek) worden motieven op de stof geborduurd waarna verschillende gedeeltes vanaf de achterkant opgevuld worden en er zo reliëf ontstaat.
Dit maakt dat het geen moeilijke maar wel een bewerkelijke techniek is.

Het patroon vertaald in Zaans stikwerk.

Voorkant Zaans stikwerk krul.

En de achterkant.

Jaren ’40 boeket

In de tweede wereldoorlog was er een gebrek aan textiel voor kleding. Hierdoor ging men creatief om met het materiaal dat nog wel voorhanden was. Van een linnen laken is het ‘oorlogsbloesje’ gemaakt om het vervolgens te versieren met eenvoudig borduurwerk.

Blouse, 1940-1945 linnen geborduurd met katoen (Fries Museum, T.1987-071)

Geborduurd boeket op een linnen bloesje.

Het leuke aan dit patroon is dat het bestaat uit losse onderdelen die samen het boeket vormen. Afhankelijk van de plaats van het borduurwerk is de compositie passend gemaakt met de losse onderdelen. Door het patroon op de DIY-instructie te vergroten kun je het borduren met een 6 draadjes splijtgaren. Ik heb zoveel mogelijk de originele kleuren aan gehouden, maar je kunt natuurlijk elk kleurenpalet kiezen dat je wilt.

Detail.

Bloemen in empirestijl

Van een katoenen vrouwenjak uit begin 17e eeuw (Fries Museum, T1957-466) is dit lieve bloemmotiefje omgezet in een patroon.

Op dit jak zijn 30 verschillende bloemmotieven geborduurd waarvan er eentje is uitgewerkt.

Origineel met zijde geborduurd, maar ook met 2 draadjes splijtgaren ziet het er erg mooi uit.

Handig als je een vlekje op je kleding wilt verdoezelen.

De patronen vind je op de DIY borduurinstructies. Ga er vooral mee aan de slag en laat zien wat je ervan gemaakt hebt op Instagram of Facebook, vergeet niet #hautebordure toe te voegen.

En verder…

In augustus vorig jaar mocht ik in het depot van het Fries Museum een aantal stukken uit de collectie die nu in de tentoonstelling te zien zijn, (voor)bekijken. Van vier stukken heb ik reproducties gemaakt die tijdens het maakproces gefilmd zijn in een timelapse. Deze filmpjes zullen tijdens de tentoonstelling op zaal te zien zijn. Zodra de tentoonstelling geopend is, zal ik jullie de reproducties met de originelen en een stukje maakproces laten zien. Voor nu blijven ze nog even een verrassing.

Ik hoop dat ik snel al het mooie borduurwerk in levende lijve in het museum kan komen bekijken maar voor nu doe ik het even met hetgeen het Fries Museum online al te bieden heeft.

 

Stekenboeken heb je nooit genoeg!

Ik zeg het wel vaker tegen mijn cursisten, van stekenboeken heb je er nooit genoeg. Zodra er nieuwe verschenen zijn, of oude weer heruitgegeven, laat ik ze hier even zien. Ook zijn er genoeg tweedehands stekenboeken te vinden.

Mary Corbet is ook een fan van stekenboeken, al zegt zij wel dat je ze niet persé allemaal nodig hebt. Geruststellende woorden die een beetje in tegenspraak zijn met de stapels stekenboeken, stitchdictionaries zoals zij ze noemt, die ze op de foto’s laat zien in haar blog hierover.
Online kun je tegenwoordig een hoop vinden, van simpele stekeninstructies tot uitgebreide video’s. Toch is het handig om een stekenboek erbij te hebben, want dat kan het beginpunt zijn bij je online zoektocht. Als je niet weet waar je naar zoekt, de juiste naam niet kent, dan is het vinden op het internet niet gemakkelijk.

Er zijn genoeg goede stekenboeken, maar of een stekenboek voor jou werkt hangt af van een aantal zaken. Voor de één werkt een duidelijke stekentekening, voor de ander juist stap-voor-stap foto’s en er zijn er ook die geschreven instructies nodig hebben.

Onlangs zijn er weer 2 nieuwe verschenen die ik je even wil laten zien.

Creative Stitches for Contemporary Embroidery van Sharon Boggon

Sharon kende ik al van haar website Pintangle.com en het project TAST.

Eind vorig jaar is haar boek ‘Creative Stitches for Contemporary Embroidery‘ verschenen.

Creative Stitches for Contemporary Embroidery van Sharon Boggon

Het boek bevat 120 borduursteken met stap voor stap foto’s hoe je de steek moet doen. Verder laat ze veel voorbeelden van toepassingen zien die zeker niet traditioneel zijn.

Een van de voorbeelden uit het boek van Sharon.

Het borduurwerk van de cover.

Hierbij laat ze je ook zien wat er met je borduurwerk gebeurd als je de steken herhaald op verschillende manieren en als je er patronen en/of lijnen mee maakt. Of als je de steken over elkaar borduurt of meer body geeft door extra lagen toe te voegen of andere garens te gebruiken.

Mary Corbet laat in haar review van het boek een aantal pagina’s zien, waardoor je nog een beter gevoel krijgt of dit jouw stekenboek is.

TAST – maak je eigen stekenboek

Je kunt natuurlijk ook je eigen stekenboek maken en als referentie gebruiken. Je zou daarvoor bijvoorbeeld TAST van Pintangle.com/Sharon Boggon kunnen gebruiken. TAST staat voor Take A Stitch Tuesday en iedere dinsdag staat er op haar blog een nieuwe borduursteek om uit te proberen. Op Facebook is er een groep waar je je stekenprobeersels kunt delen en waar je veel inspiratie van de andere deelnemers/borduursters kunt vinden. Je moet je hiervoor wel aanmelden en een paar vragen bijantwoorden. Dit om zoveel mogelijk spammers te voorkomen.
In januari 2021 is weer een nieuwe ronde begonnen, maar instappen kan op ieder moment.

Een aantal jaren geleden heb ik hieraan meegedaan en dat heeft een stekenboek opgeleverd dat ik vaak in mijn lessen gebruikt om de cursisten te laten zien wat er mogelijk is met een borduursteek.

Mijn TAST-stekenboek van 30 x 30 cm.

Pagina’s vol met steken.

De gekruiste festonsteek.

Door de spinnenwebsteek te vullen met dikker garen krijg je roosjes.

Meer hierover kun je o.a. hier, hier, hier en hier lezen of door TAST in de zoekopdracht te typen.

Big Book of Embroidery

Een wat traditionelere aanpak van de borduursteken vind je in het ‘Big Book of Embroidery‘ van Renee Mery. De ondertitel is ‘250 stitches with 29 creative projects’. Met andere woorden, je kunt dus gelijk de steken oefenen in een borduurwerkje.

Het boek kent 3 delen.

Basis stitches

De basissteken zijn onderverdeeld in lijnsteken (straight stitch variations), lange steken (long stitch variations), kruisende steken, lussteken en knoopsteken. Elke steek wordt gepresenteerd met een stekentekening, een geborduurd voorbeeld en een stukje tekst.

Stekeninstructie uitgelegd in tekening, beeld en tekst.

Advanced Stitches

Hierin worden een aantal complexere steken geïntroduceerd als de gewoven steken en verschillende vormen van draad opnaaien. Bovendien wordt een basisuitleg gegeven van borduurtechnieken als open borduurwerk, Perzisch ajour (drawn-thread embroidery), smocken, tapisserie (needlepoint) en punchwork.

Design Handbook

In het laatste gedeelte van het boek worden een aantal projecten gepresenteerd zoals deze Clematis tas.

De clematis tas uit ‘Big Book of Embroidery’.

Naast een patroon in kleur vind je op deze pagina’s ook de gebruikte steken, het gebruikte materiaal, een uitgebreide instructie en een foto van het eindresultaatt.

Patroon van een vogel om op een shirt te borduren.

En verder…

Er ligt nog een boek op de plank om te bespreken, maar dat is meer een techniekenboek, namelijk Blackwork Embroidery van Jen Goodwin.

Dus dat is voor een andere keer.

 

Challenge Oude Borduurpatronen februari 2021

Het is de derde donderdag van februari 2021, tijd voor een nieuwe Challenge Oude Borduurpatronen.

Deze keer een patroon van waterlelies. Het komt uit Rijk der Vrouw, no. 50. Op het patronenblad staat verder geen jaartal, maar ik verwacht dat het uit de jaren ’50 van de vorige eeuw komt, net als alle andere patronen uit de map.

Het oorspronkelijke patroon uit Rijk der Vrouw.

Het patroon is oorspronkelijk bedoeld voor de wit op wit-borduurtechniek Richelieu. Hierbij worden gedeeltes weggeknipt zodat je een kantachtig effect krijgt. Het werd vooral gebruikt in huishoudtextiel. Het Rijk der Vrouw laat enkele mogelijkheden zien hoe je het kunt verwerken in kussens, kleedjes en zakdoeken.

Wat voorbeelden hoe je het patroon zou kunnen gebruiken.

Het patroon van de waterlelies vind je hier.

Klassiek in wit

Natuurlijk kon ik het niet laten om het patroon ook in de klassieke witborduurtechniek te maken.

Nadat ik het patroon op de stof heb getekend met een Friction pen, ben ik begonnen met alle lijnen met een dubbele rijgsteek te borduren.

Eerst borduur je de lijnen met een dubbele rijgsteek.

Vervolgens borduur je het motief met een festonsteek. Voor het gemak heb ik de delen die ik later wil wegknippen met een kruisje gemerkt. Het is belangrijk dat het liggend steekje van de festonsteek aan die kant geborduurd wordt.

Festonsteek, Bron: TRC Needles, tekening door Martin Hense.

Het borduren van de festonsteken.

Waar de, straks  opengeknipte, ruimte wat groter is, heb ik spijltjes gemaakt. Hierbij span ik drie keer een draad naar de overkant waarbij de draad aan de bovenkant van de stof blijft. Vervolgens festoneer je over de draden waarbij je niet door de stof steekt.

Klaar om te knippen.

Als je alles geborduurd heb, knip je de stof weg op de plekken die je aangegeven hebt (of volgens patroon). Door de festonsteek gaat de stof niet raffelen.

Het eerste gat is geknipt.

En uiteindelijk komt het er dan zo uit te zien.

Waterlelies in Richelieu.

Kleurrijke variant

Naast de witte variant leek het ook leuk om een gekleurde variant te maken.

Deze heb ik met kettingsteken op vilt geborduurd met borduurwol van Blomsterstuga. Ik heb met SoluVlies gewerkt om het patroon op het vilt te krijgen. Na het borduren kun je dat gemakkelijk wegspoelen met koud of lauw water.

Helemaal geborduurd in kettingsteek.

De bloemen zijn geborduurd met roze en oranje wol.

Oranje toegevoegd voor wat extra’s…

Hier zie je goed richting van de kettingsteek.

Het eindresultaat is weer heel anders dan de witte variant.

De waterlelies in kleur.

Toch nog even de achterkant laten zien.

Ik blijf geboeid door achterkantjes.

Ik ben benieuwd welke jullie voorkeur heeft, de klassiek witte of de gekleurde?

Welke van de twee heeft jou voorkeur?

Ik wens je veel borduurplezier en laat vooral je eigen varianten zien op de Facebookgroep.

Challenge Oude Borduurpatronen

Ben jij al gestart met de Challenge Oude Borduurpatronen?

Alle patronen tot nu toe kun je hier bij elkaar vinden.

Ik hoop dat jullie ook weer geïnspireerd zijn voor het maken van een eigen (geborduurde) versie.

Iedereen kan mee doen. Ga gewoon lekker aan de slag met een techniek die je goed ligt of leuk vindt. Of probeer nu eens een andere techniek en ga wat experimenteren. Het delen van je resultaten is leuk, maar hoeft niet perse. Laat wat van je horen op de Facebook-groep Challenge Oude Patronen. Daar staan al een aantal uitwerkingen van deelnemers.

De volgende Challenge Oude Borduurpatronen zet ik 18 maart 2021, de derde donderdag van maart, op de website.

Variaties op een thema – Grote kerk in Veere in tapisserie

Typisch hoe een bepaalde borduurtechniek je ineens kan vangen waardoor je daar mee verder wilt. Dat had ik met de techniek tapisserie.

Nadat ik los was gegaan op de Koninginnesteek zoals je hier kunt lezen en geïnspireerd werd door de antieke tapisserielap die ik (in 2019 alweer) gevonden had tijdens het Handwerkfestijn Hoevelaken was het tijd voor een volgend project.

Tapisserie borduurlap uit 2e helft 19e eeuw. Geborduurd met wol op stramien.

Eerst maar wat stekenproefjes maken.

Een kleine selectie mogelijke tapisseriesteken uitgeprobeerd.

Met de koninginnesteek, een om-en-om blokje platsteken, een lang kruisje en een verlengd kruisje dat op een vlechtsteek lijkt.

Het gespikkelde garen geeft het borduurwerk nog wat extra’s.

Grote Kerk in Veere

Al jaren had ik deze ansichtkaart van de Grote Kerk in Veere geschilderd door Jeltje Hoogenkamp in mijn bezit. En iedere keer jeukten mijn handen om daar iets mee te doen.

De Grote Kerk van Veere volgens Jeltje Hoogenkamp.

Ik heb een speciale herinnering aan de kerk omdat daar bij de heropening van het Zeeuws Museum in 2007 opnames zijn gemaakt van een modeshow met Zeeuwse drachtstukken gecombineerd met mode van dat moment (Going Local door Paul en Menno de Nooijer). Ik mocht daarbij twee dagen aanwezig zijn als kleedster. Maar dat terzijde.

De kerk in blauw en groen.

Omdat ik in eerste instantie viel voor de kleurencombinatie was het niet moeilijk om een vergelijkbaar kleurenpallet te kiezen. Niet helemaal hetzelfde, want er zit bij mij altijd een beperking in met betrekking tot de kleuren die ik heb. Ik ben namelijk een groot fan van het opwerken van mijn restjes, in combinatie met het uitproberen van nieuwe garens of vondsten. Ook vind ik het dan altijd een uitdaging om het geheel kloppend te krijgen.

Door het gebruik van de verschillende tapisseriesteken krijg je extra structuur maar ook textuur. Zo zien je op bepaalde stukken diagonale steken, terwijl op andere stukken juist een horizontale, verticale of meer golvende lijnen meer op zijn plaats zijn.

Hier kun je dat goed zien.

En hier ook.

Ik heb eerst een tekening van de contouren van de kerk gemaakt op A4 formaat en deze vervolgens op monogaas getekend met een zwarte permanente stift. Daarna zijn de contouren met zwart garen in een ‘tentstitch’ (een soort van half kruisje) geborduurd met een kleine knipoog naar gebrandschilderde ramen.
Er is geborduurd met verschillende wollen garens in ongeveer dezelfde dikte.

De Grote Kerk van Veere in blauw/groentinten.

What if

Terwijl ik hiermee bezig was, vroeg ik me af wat er zou gebeuren als ik de kerk in één soort garen in dezelfde kleur/verfbad zou borduren. Zouden de verschillende steken dan genoeg aangeven waar het ene gedeelte begon en het andere eindigde, zodat je achteraf goed kan zien wat het is en het geen blur wordt.
Een uni kleur ging me een beetje te ver, maar bij Woolyhood vond ik handgeverfde merinowol in de freckles and speckles serie met de prachtige naam ‘Rising from the ashes’. De kleuren variëren van grijs naar goudgeel/oker en dat vond ik perfect passen bij een gebouw. Helaas valt de mooie kleurencombinatie een beetje weg op de foto’s.

De Grote Kerk in Veere in ‘één gemeleerde’ kleur.

Mmm. Ondanks dat ik voor de achtergrond de tentstitch heb gebruikt en de voorgrond met een liggende steek valt de kerk in het geheel tot wel weg. Zeker op afstand. Terwijl dichtbij je structuur van de verschillende delen wel duidelijk ziet.

Een experimentje dan maar. Ik heb de foto van de geborduurde kerk 2x uitgeprint en op een van de foto’s heb ik de contouren met zwart ingetekend.

Rechts zonder contourlijnen, links met zwarte contourlijnen.

Dus dit is het uiteindelijk geworden.

Het eindresultaat.

Met nog wat details.

De rechterkant.

De bomen (rechts) hebben een contoursteek gekregen in hetzelfde garen als het borduurwerk.

Uiteindelijk ben ik heel blij met het resultaat van het experiment. Misschien nog eentje in een unikleur? Of toch maar niet!

 

Challenge Oude Borduurpatronen januari 2021

De tijd vliegt, want het is alweer 21 januari, de derde donderdag in januari 2021.
Tijd voor een nieuwe Challenge Oude Borduurpatronen.

Binnenkort is het Valentijnsdag. In het tijdschrift ‘Modes et Travaux féminins’ nummer 162, 16 september 1926 vond ik een leuk patroon met hartjes.

Modes et Travaux féminins uit 1926

Het oorsponkelijke patroon is voor een lamp.

Een geborduurde lamp.

Een van de panelen.

Ik heb het patronen opgeknipt in twee delen. De patronen vind je hier.

Op een placemat borduren

Ik werk graag op kant-en-klare stukken textiel. Borduren vind ik eigenlijk het leukst en het afwerken eigenlijk niet zo. Mijn excuus is altijd dat ik dingen niet afwerk, zodat mijn cursisten goed de achterkant kunnen zien en hoe het borduurwerk gemaakt is. Maar dat excuus kan ik natuurlijk niet voor alles gebruiken.

Voordeel van een kant-en-klaar stuk is ook dat je snel er een cadeautje van kunt maken. Stoffen placemats en servetten zijn hiervoor ideaal. Die koop ik bijvoorbeeld bij Ikea, de Hema en Sosterne Grene maar ook bij de kringloopwinkel.

Met dit patroon kun je bijvoorbeeld heel gemakkelijk een stoffen placemat versieren.

Ik heb het borduurwerk simpel gehouden. Gewoon in één kleur. De grijze placemat komt van Ikea.

Het patroon is op SoluVlies getekend en op de placemat geregen. Daarna is het geborduurd met borduur-/haakgaren van Durable.

Hier zie je de SoluVlies nog goed zitten.

Ik knip altijd de overtollige SoluVlies weg voordat ik het spoel.

Ik heb de bloemetjes, hartjes en bolletjes in satijnsteek geborduurd en de stelen/lijnen in een stiksteek.

Een sierlijk motief met bloemtjes en hartjes.

Vooral satijnsteken…

Een perfect Valentijnscadeau. Doordat het in zwart geborduurd is, is het ook een beetje stoer.

Voor op een kaart

Als je geen zin hebt in het grote patroon, kun je een gedeelte ervan gebruiken of het kleine patroontje.

Het hoeft niet groot te zijn…

Deze is geborduurd met Perlé nr. 8 in verlopend zwart/rood garen.

Leuk om te versturen als een Valentijnskaart of ergens als strooimotiefje op te borduren.

Ik wens je veel borduurplezier en laat vooral je eigen varianten zien op de Facebookgroep.

Challenge Oude Borduurpatronen

Ben jij al gestart met de Challenge Oude Borduurpatronen?

Alle patronen tot nu toe kun je hier bij elkaar vinden.

Ik hoop dat jullie ook weer geïnspireerd zijn voor het maken van een eigen (geborduurde) versie.

Iedereen kan mee doen. Ga gewoon lekker aan de slag met een techniek die je goed ligt of leuk vindt. Of probeer nu eens een andere techniek en ga wat experimenteren. Het delen van je resultaten is leuk, maar hoeft niet perse. Laat wat van je horen op de Facebook-groep Challenge Oude Patronen. Daar staan al een aantal uitwerkingen van deelnemers.

De volgende Challenge Oude Borduurpatronen zet ik 18 februari 2021, de derde donderdag van februari, op de website.